De eerste spiegels die ik mij herinner stonden in de slaapkamer van mijn ouders. Daar stond een grote spiegelkast met drie spiegels waarvan een centrale spiegel en een spiegel links en rechts die je kon bewegen als een deur met scharnieren. Wannneer ik de deurspiegels bewoog dan werd het beeld van mijzelf als een harmonica een aantal keren verdubbeld en zo werd ik mij bewust van het profiel van mijn gezicht. Deze driedubbele spiegelkast maakte mij toen voor het eerst bewust van mijzelf als ook een beeld buiten mijzelf in een tijd waarin selfies niet bestonden en in mijn geval ook haast geen foto's. 

     De spiegels van vroeger zijn nu, vele jaren later, aangevuld met spreekwoordelijke en symbolische spiegels als: Kijk in je eigen spiegel en Wat spiegelt die persoon of situatie voor jou? Als iemand je zo'n opmerking geeft wordt er van je verwacht om naar jezelf te kijken in plaats van anderen de schuld te geven, want, zo redeneert men, wat men uitzendt krijgt men als een boemerang terug. Ja, deze spiegels zijn lastiger dan het nog onbevangen in een spiegel kunnen kijken zoals een klein kind dat kan. Wanneer je je steeds af moet vragen welk gezicht je nu weer aanstaart geeft je niet altijd het beste humeur. Tijdens de SIO-opleiding komt deze spiegeltheorie ook wel 'zo boven, zo beneden' of 'zo binnen, zo buiten' genoemd, nog wel eens aan de orde, wat soms direct helderheid verschaft, maar vaker nog een aanleiding is om te filosoferen of zelfonderzoek te adviseren. De spiegeltheorie heeft mij echter wel geleerd niet zo gevoelig meer te zijn voor allerhande kritiek of alleen maar alles bij mijzelf te moeten zoeken. En ja, bij mistig weer merk ik vanzelf wel dat er iets tussen mijn spiegel en mijzelf staat. Maar soms, als vroeg of laat de waas van mijn spiegel weer verdampt is, zie ik weer een stukje magie van het onbevangen kind van vroeger, dan ademt de spiegel neutraliteit, rust en helderheid, de lucht is opgeklaard en het zicht op mijn spiegelbeeld is weer vertrouwd.

     Ik kan best sympathie opbrengen voor de boze stiefmoeder van Sneeuwwitje. Steeds als de boze stiefmoeder aan haar spiegel vroeg: 'Spiegeltje, spiegeltje, aan de wand, wie is de mooiste van het land?, kreeg ze altijd hetzelfde antwoord - dat Sneeuwwitje nog steeds de mooiste was. Haar boosheid heeft haar uiteindelijk niet geholpen, maar willen we niet allemaal de mooiste, de knapste en de aardigste zijn? En dan komt daar steeds iemand tussen die hoger scoort dan jij en er niets voor hoeft te doen! Dat lijkt niet eerlijk.

     Ach ja, de spiegels die mij uiteindelijk het beste geholpen hebben en dat nog steeds doen, zijn toch de lachspiegels, want de weerspiegeling van wat ik daarin zie is zo grotesk dat ik besef dat ik mezelf niet zo serieus moet nemen en dat het niet erg is om al mijn vooroordelen regelmatig uiteen te laten spatten!